Business Haaglanden TV

Wat betekent het Belastingplan 2019 voor u?

De tijd vliegt, ook op de burelen van Business Haaglanden. Het laatste nummer van 2018 is dan ook een goede aanleiding om eens te kijken naar het Belastingplan 2019 en de veranderingen die dit de komende jaren voor ondernemers met zich meebrengt.

Uitdagingen nieuw btw-tarief

Ondernemers zijn over het algemeen niet blij als belastingtarieven wijzigen. Hun producten worden voor klanten onder de streep duurder, waardoor men vreest voor een omzetdaling. Als de Eerste Kamer, zoals verwacht, akkoord gaat met het Belastingplan 2019 staan een aantal ondernemers sowieso voor een spannende overgangsperiode. Denk hierbij aan taxichauffeurs die een van de drukste avonden meemaken op 31 december. Vanaf 00:00 uur op 1 januari, moeten zij opeens 9 in plaats van 6 procent btw heffen. Maar ook voor kleine ondernemingen, zoals een boekhandel, die veel producten in de winkel hebben staan maar weinig mankracht, is het wijzigen van het btw-tarief een gigantische klus die extra werkdruk oplevert in de toch al drukke maand december. Andere ondernemers zien de wijziging als een reden om voor het einde van het jaar nog eens te adverteren met hun diensten en producten: ‘Nu 3 procent goedkoper dan in 2019!’

Ondersteunen kunst en cultuur:

ook voor u interessant!

Voordat wij de veranderingen op een rij zetten nog even een uitstapje naar Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen en wel specifiek het sponsoren van kunst en cultuur. Behalve dat het ondersteunen van kunst en cultuur (zie ook het interview met wethouder Robert van Asten op pagina CHER, svp invullen 😉 van dit nummer) bijdraagt aan een beter ondernemersklimaat in de regio, kan het ook belastingvoordelen opleveren. Bijvoorbeeld als het gaat om het steunen van een zogenaamde ANBI-instelling. Als ondernemer kunt u in dit geval 1,5 keer het bedrag van uw gift van de vennootschapsbelasting aftrekken. En kunstwerken die u aanschaft als ‘inrichting van een kantoor of werkplaats’ zoals de Belastingdienst het omschrijft, zijn ook aftrekbaar. Let er wel op dat de aanschaf niet kan worden gezien als een beleggingsobject, want dan is het belastbaar als bezit in Box 3.

De veranderingen op een rij

Opgenomen in het Belastingplan 2019, maar pas ingevoerd vanaf 2020, is de verhoging van het Box 2 tarief, van 25 naar 26,9 procent. De maatregel geldt voor ondernemers die een belang van minimaal 5 procent hebben in een vennootschap.

De verhoging van het lage btw-tarief van 6 naar 9 procent, zoals eerder genoemd. Levert u echter producten en diensten in 2019 maar worden deze betaald in 2018? Dan mag nog het tarief van 6 procent worden gerekend.

Gebouwen die in eigen gebruik zijn kunnen in het nieuwe plan alleen nog worden afgeschreven als de gebouwen in kwestie in de boeken staan voor een bedrag dat hoger is dan de WOZ-waarde.

Ook de verliesverrekening pakt vanaf volgend jaar minder goed uit voor ondernemers. Verliezen kunnen vanaf 1 januari 2019 nog maar 6 jaar voorwaarts verrekend worden met winsten. In het verleden was dit nog 9 jaar.

Wellicht heeft het te maken met de complicaties die het voor de vele flexwerkers die ons land inmiddels telt (1,9 miljoen volgens de laatste cijfers van het CBS) oplevert, maar feit is dat de kleine ondernemersregeling ‘gemoderniseerd’ wordt per 2020. Zo krijgt een kleine ondernemer die verwacht onder de omzetgrens van 20.000 euro te blijven, vrijstelling van btw.

Taxibedrijven, al eerder genoemd door de complicaties die voor hen ontstaan op oudejaarsnacht, krijgen geen aanschafbelasting (bpm) meer retour bij de aanschaf van nieuwe auto’s. Wél krijgen zij een bpm vrijstelling voor zogenaamde ‘nul-emissie auto’s’. Het kabinet voert deze maatregel in (per 2020) met de wens om zo milieuvriendelijker taxi, contract- en doelgroepenvervoer te stimuleren.

Het belastingplan 2019 is echter niet alleen maar kommer en kwel voor ondernemend Nederland. Zoals het massaal door de media dood verklaarde poldermodel betaamt, zijn er ook belastingen die dalen. Zoals het tarief voor de vennootschapsbelasting. Die daalt gestaag van 20 procent nu naar 15 procent in 2021 (voor deel van de winst tot 200.000 euro) en van 25 procent nu naar 20,50 procent (voor deel van de winst boven 200.000 euro) in 2021.

Bronnen bij de redactie bekend. Speciale dank: Daphne van Kollenburg, persvoorlichter Ministerie van Financiën

Belastingplan 2019 voor de dga en zijn BV

Een aantal maatregelen uit het Belastingplan 2019 zullen pas met ingang van 2020 of later in werking treden. Dat betekent dat 2019 kan worden benut om op deze wijzigingen te anticiperen.

Neem de verhoging van het tarief in box 2 van 25% naar 26,9% in combinatie met het voornemen om met ingang van 2023 schulden van de dga aan de eigen BV, voor zover deze meer bedragen dan € 500.000, te gaan belasten. Niets doen betekent in een dergelijke situatie afrekenen tegen 26,9%. Ter voorkoming hiervan is het wellicht verstandig om de BV reeds in 2019 dividend te laten uitkeren tegen 25% en de uitkering te verrekenen met de schuld van dga.

Eveneens kan op de verlaging van de tarieven (met 5% en 4,5%) voor de vennootschapsbelasting worden ingespeeld door winsten zoveel mogelijk over de jaargrens heen te schuiven. Bij de verkoop van een bedrijfspand met een boekwinst van € 100.000 levert dit een besparing van € 5.000!

Het belastingplan heeft tot gevolg dat ondernemen via een BV tariefmatig gunstiger is geworden ten opzichte van de eenmanszaak. Het is daarom aan te bevelen de juridische vorm eens onder de loep te nemen.

ABIN accountants en adviseurs

Arie Groenleer en Rene Moerland